
Inkomsten Vertalers 2023
Monitor 2023 – Makers – Inkomsten vertalers
In 2023 deelden ruim 2000 vertalers gezamenlijke inkomsten van € 16,3 miljoen uit vertaalwerk, zoals vergoedingen per woord, royalty’s en subsidies van het Nederlands Letterenfonds. Slechts een klein deel van hen kan ook echt leven van dit werk: 86% van de vertalers verdiende minder dan bruto minimumloon aan vertaalwerk. Dit blijkt uit de Monitor Inkomsten Vertalers 2023.
Deze monitor laat zien hoe de totale inkomsten zijn verdeeld over verschillende groepen vertalers en hoe die zich ontwikkelen ten opzichte van eerdere jaren. De resultaten in dit artikel vormen een samenvatting van de belangrijkste uitkomsten. Het bijbehorende dashboard biedt een volledig overzicht van alle cijfers. In dit dashboard staan de nominale inkomsten over 2023. Daarnaast is een inflatiecorrectie toegepast om beter zicht te krijgen op de ontwikkeling van de reële inkomsten van vertalers vanaf 2017.
Ten opzichte van eerdere publicaties zijn er twee aanpassingen in de dataverwerking doorgevoerd. Ten eerste worden in deze editie zowel fysieke als digitale uitgaven meegenomen, waar eerder alleen papieren uitgaven werden meegenomen. Dit sluit aan bij het vernieuwde verzamelbeleid van de Koninklijke Bibliotheek (KB), waarbij voor titels niet meer primair de papieren uitgave, maar de digitale uitgave wordt geregistreerd. Bovendien is in de dataverwerking vanaf dit jaar een technische aanpassing gedaan, waardoor meer records meegenomen kunnen worden in de analyse. Door de nieuwe werkwijze is de huidige monitor niet meer goed te vergelijken met de voorgaande monitors. Daarom hebben we ervoor gekozen om dit jaar te rapporteren over zeven jaar in plaats van over vijf jaar. Meer over de methodologie lees je in de onderzoeksverantwoording.
In 2023 bedroegen, zoals gezegd, de gezamenlijke inkomsten van de ruim 2000 vertalers in Nederland € 16,3 miljoen. Ten opzichte van een jaar eerder verdienden vertalers in 2023 gemiddeld per vertaler 7% meer (gecorrigeerd voor inflatie). Ondanks de stijging verdienden de meeste vertalers in 2023 vooralsnog een bescheiden inkomen: 86% van de vertalers verdient onder het bruto minimumloon, slechts 3% verdient bovenmodaal. Bovendien, als we 2023 vergelijken met het gemiddelde van de afgelopen zeven jaar (2017-2023, gecorrigeerd voor inflatie), dan liggen de gemiddelde reële inkomsten per vertaler vooralsnog 8% lager.
Ruim tweederde (68%) van de vertalers in Nederland is ook vertaler van literair-cultureel werk. Dit zijn in totaal bijna 1400 literair-culturele vertalers. Samen verdienden zij € 9,4 miljoen aan hun vertaalwerk. Ook binnen het literair-culturele segment zien we dat de gemiddelde reële inkomsten ten opzichte van het voorgaande jaar zijn gestegen (6%), maar nog steeds 8% lager liggen dan het gemiddelde van de afgelopen zeven jaar.
Vertalers worden in deze publicatie ingedeeld in vier inkomenscategorieën op basis van hun inkomsten uit vertaalwerk. Deze indeling maakt het mogelijk om verschillen in inkomenspositie tussen groepen vertalers inzichtelijk te maken. De vier categorieën zijn:
Vertalers die binnen de grijze categorie vallen, verdienen zeer weinig aan het vertaalwerk: gemiddeld € 750 in 2023. Hoewel zij de grootste groep zijn (55% van de vertalers), verdienen zij samen slechts 6% van de totale inkomsten uit vertaalwerk. Voor vertalers binnen deze grijze groep is vertalen een nevenactiviteit. Om de inkomenspositie van beroepsvertalers beter in beeld te brengen, richten we ons op de overige drie categorieën: rood, oranje en groen. Wanneer we de term ‘beroepsvertalers’ gebruiken, verwijzen we naar deze drie groepen (samen 45% van alle vertalers).
De grootste groep beroepsvertalers (71%) valt binnen de rode categorie: zij verdienen aan vertaalwerk (meer dan € 3.070 per jaar), maar niet genoeg om van te leven (minder dan minimumloon). Hoewel het om zo’n driekwart van de beroepsvertalers gaat, verdienen vertalers in deze groep slechts 36% van de totale inkomsten van alle beroepsvertalers. Vertalers binnen de oranje categorie (die tussen minimumloon en een modaal inkomen verdienen aan vertaalwerk) maken 23% van alle beroepsvertalers uit, maar verdienen samen, net als de rode groep, 36% van het totaal.
De verdeling van inkomsten is daarmee sterk geconcentreerd binnen een relatief kleine groep beroepsvertalers. 6% van de vertalers valt binnen deze groene groep en verdient een bovenmodaal inkomen aan vertaalwerk. Deze 6% verdient samen 28% van de totale inkomsten.
Onderstaande grafiek laat zien hoe de inkomsten uit vertaalwerk zijn verdeeld onder alle beroepsvertalers (45% van alle vertalers). De beroepsvertalers zijn ingedeeld in 100 gelijke delen, gerangschikt van lage naar hoge inkomsten. Ter referentie zijn de grenzen tussen de rode en oranje categorieën (bruto minimumloon) en tussen de oranje en groene categorieën (modaal inkomen) toegevoegd. De grafiek laat de scheve inkomensverdeling zien: de driekwart vertalers in de rode groep vallen onder de grens ‘bruto minimumloon’, de 23% vertalers in de oranje groep zitten tussen de twee lijnen, en de groene groep is de zeer kleine groep die boven het modaal inkomen uitkomt.
De omzet die behaald wordt uit door beroepsvertalers vertaalde boeken, is evenredig verdeeld over fysieke winkels (51%) en e-commerce (49%). De afgelopen zeven jaar is deze verhouding flink verschoven: in 2017 werd nog 65% van de omzet van boeken van beroepsvertalers via fysieke winkels behaald, en 35% via e-commerce.
Voor boeken die door nevenvertalers (vertalers in de grijze groep) zijn vertaald, is het e-commercekanaal belangrijker: 61% van omzet komt uit boekverkoop via e-commerce en 39% uit verkoop via fysieke winkels. Ook voor deze groep vertalers is het e-commercekanaal gestegen in omzetaandeel: in 2017 werd nog het merendeel van de omzet behaald via fysieke winkels (53%, tegenover 47% via e-commerce).
De groep beroepsvertalers neemt in omvang af: in 2023 zien we 11% minder beroepsvertalers vergeleken met het gemiddelde van de afgelopen zeven jaar. De afname is het sterkst te zien binnen de hoogste inkomensgroep; deze daalt met 24% t.o.v. het zevenjaarsgemiddelde (51 ‘groene’ vertalers in 2023 tegenover 67 gemiddeld). De vertalers die nog wel tot de groene categorie behoorden, verdienden in 2023 bovendien 3% minder dan het zevenjaarsgemiddelde, na inflatiecorrectie en een correctie op een klein aantal uitschieters die het gemiddelde van de groep flink omhoog haalden. Zonder deze correctie waren de gemiddelde reële inkomsten overigens met 11% gestegen in 2023.
Dit beeld – minder vertalers, en dalende reële inkomsten per vertaler – zien we ook terug bij de oranje categorie, zij het minder sterk. Het aantal vertalers in deze groep daalt met 6%, en hun gemiddelde reële inkomsten liggen 2% lager. Het aantal vertalers in de rode categorie ligt ook lager dan het zevenjaarsgemiddelde (-11%), maar deze vertalers verdienen daarentegen gemiddeld 7% meer, ook na inflatiecorrectie.
De nevenvertalers (de grijze categorie) zijn de enige groep waarin het aantal vertalers groeit vergeleken met het zevenjaarsgemiddelde (+5%). Net als de hogere inkomstengroepen (groen en oranje) is ook deze groep minder gaan verdienen: -8%.
Als we kijken naar het literair-cultureel segment, zien we een vergelijkbaar beeld. In 2023 waren er 1388 literair-culturele vertalers, vergeleken met een zevensjaarsgemiddelde van 1445; ook hier zien we dus een daling in het aantal vertalers (-4%). Vergeleken met 2022 is sprake van een stijging van de reële inkomsten (+6%), maar in vergelijking met het zevenjaarsgemiddelde zijn de inkomsten va deze groep vooralsnog minder (-8%).
In dit segment zijn er bijna 600 beroepsvertalers, iets minder dan de helft van het totaal aantal literair-culturele vertalers. 76% van deze literair-culturele beroepsvertalers valt binnen de rode categorie en verdient 40% van de totale inkomsten van alle literair-culturele beroepsvertalers. Vertalers binnen de oranje categorie (20% van de beroepsvertalers) verdienen samen 34% van de inkomsten. De groene categorie (5%) verdient 26% van de inkomsten.
Binnen het literair-cultureel segment wordt relatief iets meer omzet behaald via fysieke winkels: 55% voor beroepsvertalers (vergeleken met 51% in de totaalmarkt) en 47% voor nevenvertalers (vergeleken met 39% in de totaalmarkt).
Veel Nederlandse vertalers zijn voor hun totale inkomen niet uitsluitend afhankelijk van vertaalwerk. Het Inkomensonderzoek schrijvers en vertalers* van Van der Veen (2016) biedt inzicht in de samenstelling van de inkomsten uit vertaalwerk en de andere inkomstenbronnen. Uit dit onderzoek blijkt dat een vertaler gemiddeld bijna 70% van diens inkomsten uit vertaalwerkzaamheden haalt.
Door deze verdeling toe te passen op de gemiddelde inkomsten uit vertaalwerk over de afgelopen zeven jaar, maken we een voorzichtige schatting van de totale inkomsten van vertalers. Vooral vertalers die lagere inkomsten uit vertaalwerk halen verrichten vaak aanvullende werkzaamheden. Naarmate de inkomsten uit vertaalwerk lager zijn, ligt het voor de hand dat andere inkomstenbronnen een groter aandeel vormen. Omdat de verdeling in het eerdergenoemde onderzoek uitgaat van een gemiddelde vertaler, hebben we deze analyse alleen toegepast op de middelste twee inkomensgroepen (rood en oranje), weergegeven als een bandbreedte.
De onderstaande tabel toont de verdeling van de inkomsten van vertalers als aandeel, zodat duidelijk wordt hoeveel de verschillende onderdelen bijdragen aan het totale inkomen. Per onderdeel is zowel het aandeel binnen de categorie (hoofd- of overige inkomsten) als binnen het totaal weergegeven. Zo wordt zichtbaar welke bronnen het meest bepalend zijn voor hun totale inkomsten.
Bij de hoofdinkomsten vormen honoraria het grootste aandeel (71%). Ook als we naar het totaalinkomen kijken zijn de honoraria daar een substantieel deel van (56%). Royalty’s, beurzen of subsidies, en vergoedingen voor leenrechten of kabelgelden dragen ieder een kleiner deel bij. Commerciële schrijfopdrachten maken het kleinste aandeel uit. De overige inkomsten bestaan voornamelijk uit inkomstenbronnen zoals rechtenverkoop of gages voor optredens en lezingen (45% van de overige inkomsten en 10% van het totale inkomen) en opbrengsten van uitkeringen, pensioenen of kapitaal (34% van de overige inkomsten en 7% van het totale inkomen). Dienstverbanden dragen gemiddeld gezien het minst bij aan het totale inkomen (5%).
* Informatie afkomstig via het NLF en de Auteursbond.

Monitor 2023 – Makers – Inkomsten vertalers

Monitor Makers – 2023

Monitor Makers – 2023